Het succes van A24 ontrafeld
Ze winnen Oscars, maken kaskrakers én hebben hun eigen merchandise. A24 is de toonaangevende filmstudio van het moment, met dank aan steengoede films als Everything Everywhere All at Once en Civil War, maar ook aan slimme marketingcampagnes. Filmjournalist Ewoud Ceulemans onderzocht voor de Morgen hoe het mogelijk is dat deze hippe arthouse-studio Hollywood - én het cultureel gemeengoed - kon overnemen.
Wil je Ewoud ook live aan het werk zien? Kom dan zeker luisteren naar zijn inleiding op donderdag 6 november, bij één van dé grootste A24-titels tot op heden, en de eerste film waar de studio één van de ''Grote Oscars'' mee won: Moonlight.
''Dankzij Moonlight mocht A24 plots met de grote jongens meedingen naar de prijzen''
In de inmiddels bijna 100-jarige geschiedenis van de Academy Awards zal er altijd een speciale plaats zijn voorbehouden aan de uitreiking in 2017. Een aarzelende Warren Beatty en een energieke Faye Dunaway kroonden toen La La Land tot laureaat van de Oscar voor Beste Film. Waarna de La La Land-producers op het podium te horen kregen dat niet zij, maar hun collega's van Moonlight de eigenlijke winnaar waren.
Het was de grootste flater in de Oscar-geschiedenis, maar ook een opvallend moment: de eerste zelfgeproduceerde film van de kleine, onafhankelijke distributeur A24 schoot meteen de hoofdvogel af. "A24 is cool, maar ze kunnen het niet tegen ons opnemen", had een anonieme baas van een van de grote studio's nochtans voor de uitreiking aan Vanity Fair verteld.
Dankzij Moonlight mocht A24 plots met de grote jongens meedingen naar de prijzen: drie jaar geleden was de A24-productie Everything Everywhere All at Once met zeven Oscars de grote winnaar, twee jaar geleden volgden er twee prijzen voor The Zone of Interest.
''Voor cinefielen begint het strakke logo van A24 onderhand een keurmerk te worden - in die mate dat ze met het logo pronken op T-shirts en truien, totebags en koffiemokken die het bedrijf zelf verkoopt."
Hoe langer hoe meer strijdt de studio ook aan de kassa mee tegen de grote kleppers. Alex Garland's Civil War kende het succesvolste openingsweekend ooit voor een A24-film en voerde meerdere weken de Amerikaanse bioscoopcijfers aan. Wereldwijd heeft de film, met een opbrengst van ruim 120 miljoen dollar, zijn productiebudget ruim terugverdiend.
De gemiddelde bioscoopganger ligt niet wakker van welke studio of distributeur een bepaalde film produceert of uitbrengt, maar voor cinefielen begint het strakke logo van A24 onderhand een keurmerk te worden - in die mate dat ze met het logo pronken op T-shirts en truien, totebags en koffiemokken die het bedrijf zelf verkoopt.
Zelfs de 'Employee of the Month'-award uit Everything Everywhere All at Once, een sculptuur waarvan de vorm in de eerste plaats een buttplug in herinnering brengt, staat in de merchandisecatalogus op de website van het bedrijf.
In 2018 lanceerde de studio zelfs een eigen podcast, waarin regisseurs als Barry Jenkins (Moonlight), Greta Gerwig (Lady Bird) en Bo Burnham (Eighth Grade) achter de microfoon komen te zitten.
Het is een keurmerk dat staat voor eigenzinnige auteursfilms, maar wel van het type dat een behoorlijk breed publiek weet aan te spreken en doorgaans weigert tevreden te zijn met een nichestatus. In de woorden van The Lobster-acteur Colin Farrell, in GQ: "Ze hebben een geweldig oog voor kleine films en rijke, unieke verhalen die zonder hen de weg naar het grote scherm niet zouden vinden."
Niet alleen Moonlight, Everything Everywhere All at Once en Civil War maakten de afgelopen jaren indruk: ook Hereditary, The Whale, Lady Bird en Midsommar dragen de A24-stempel - net als de tv-series Beef (Netflix), Euphoria en het nieuwe The Sympathizer (beide HBO).
"We wilden dat het om de films draaide, en niet om ons"
A24 was van bij het begin een buitenbeentje in Hollywood: het bedrijf is niet gevestigd in Los Angeles, maar in New York, en werd in 2012 opgericht door Daniel Katz, David Fenkel en John Hodges. Het idee om een nieuwe studio op te richten zou die eerste hebben gekregen toen hij over de Italiaanse autostrade nummer 24 karde - vandaar de naam. Meer dan ervaren, gehaaide zakenlui waren ze filmfans van in de 30 die wilden nadenken over hoe ze kwalitatieve films bij een publiek konden brengen. "We wilden dat het om de films draaide, en niet om ons", vertelde Katz later aan The Hollywood Reporter.
Katz had een achtergrond in de financiële wereld, bij het investeringsfonds Guggenheim Partners (dat A24 ook van startkapitaal voorzag). Toch slaagde A24 erin de idee te verkopen dat de films belangrijker waren dan de financiën.
"Ze hebben niet de persoonlijkheid van studiobazen", stelde Sofia Coppola, die met The Bling Ring (2013) een van hun eerste films maakte en nadien naar A24 terugkeerde voor On the Rocks (2020) en Priscilla (2023) in GQ. "Ik zag hen nooit als zakenlui", bevestigde Dune-regisseur Denis Villeneuve, wiens Enemy (2014) door A24 werd verdeeld, in hetzelfde artikel.
Darren Aronofsky, regisseur van The Whale (2022), vertelde in The New York Times dan weer dat hij voor meer geld in zee had kunnen gaan met een streamingdienst, maar voor A24 koos vanwege hun passie voor films en de bioscoopervaring. "Het is duidelijk dat ze van hun films houden en dat ze er trots op zijn. Ik denk dat ze op die manier hun films kiezen."
In de eerste plaats richtten Katz, Fenkel en Hodges zich op distributie: ze produceerden zelf geen films, maar verwierven de rechten op afgewerkte films om die uit te brengen in de bioscoop of via video on demand. Alleen zouden ze hun films op een heel andere manier in de markt zetten dan hun concurrenten.
Roman Coppola's A Glimpse Inside the Mind of Charles Swan III (2012) was officieel de eerste A24-film, maar het was Spring Breakers (2013) waarmee A24 naam maakte voor zichzelf. Dat was een hedonistische film van enfant terrible Harmony Korine waarin vier studentes, vertolkt door voormalige Disney-gezichten als Selena Gomez en Vanessa Hudgens, tijdens hun vakantie bevriend raken met een bizarre drugdealer (James Franco).
Het productiebudget bedroeg nauwelijks 5 miljoen dollar (zo'n 4,6 miljoen euro), maar nadat A24 de film in de bioscoop had opgebracht, leverde Spring Breakers ruim 31 miljoen dollar (ongeveer 29 miljoen euro) op. En dat zonder klassieke marketingcampagne.
Memes en tinder
A24 investeerde niet in reclameborden of tv-spotjes, maar ging in zee met marketingbedrijf theAudience, dat inzet op sociale media. Met memes (de hoofdpersonages als een nieuwe incarnatie van Leonardo Da Vinci's Het laatste avondmaal), gifs en korte clips (Franco die zijn inboedel etaleert met de woorden "Look at all my shit!") werd het publiek voor Spring Breakers gezocht én gevonden op sociale media.
En toen het awardseizoen eraan kwam, probeerde A24 het stempubliek niet te overhalen met een traditionele "For your consideration"-campagne, maar met een slogan die nauwer aansloot bij de film zelf: "Consider this shit."
"Ze zagen dat marketing een creatieve daad was die uit en op zichzelf entertainend kon zijn", vertelde Korine aan de LA Times. "Ze dachten op een andere manier, probeerden iets nieuws, iets radicalers met hun aanpak. Dat heeft de film doen doorbreken."Daar hield het niet op, wat ongewone marketingcampagnes betreft. Voor The Lighthouse (2018) werden speciale stickers gelanceerd om te downloaden en te gebruiken in WhatsApp of iMessage.
Maar het was Alex Garlands Ex Machina (2014), een sciencefictionfilm over de verleidelijke androïde Ava (vertolkt door Alicia Vikander), waarmee A24 nog het meest opviel. Om de film te promoten maakte A24 een profiel aan voor Ava op de datingapp Tinder. Helemaal wettelijk was het niet, en Vikander zelf had er geen toestemming voor gegeven, maar het werkte wel.
De film bracht ruim twee keer zijn budget op en won de Oscar voor Visuele Effecten - de eerste Oscar voor A24. "Als Ex Machina door een grote studio was verdeeld," aldus Garland, "dan zou de film lang niet zo goed zijn onthaald of zo succesvol zijn geweest."
Die regisseur, wiens Men (2022) en Civil War (2024) nadien werden verdeeld en geproduceerd door A24, is een van de filmmakers die verbonden is geraakt met de studio, net als Sofia Coppola, Ari Aster (Hereditary, Midsommar, Beau Is Afraid en Eddington) en Robert Eggers (The VVitch, The Lighthouse).
Ook Daniel Kwan en Daniel Scheinert, beter bekend als The Daniels, hadden al van A24 een kans gekregen met het bizarre Swiss Army Man, alvorens ze vriend en vijand verrasten met Everything Everywhere All At Once.
Het is een strategie die doet denken aan Miramax, het productiehuis waarmee Harvey Weinstein in de jaren negentig furore maakte in Hollywood en de carrière van regisseurs als Steven Soderbergh en Quentin Tarantino lanceerde, terwijl het internationale, gewaardeerde auteursfilms verdeelde in de VS.
Zoals Miramax onder meer Trainspotting en Chungking Express van een Amerikaanse release voorzag, zo distribueerde A24 onder meer Yorgos Lanthimos' The Lobster en Lukas Dhonts Close. ("Miramax was fantastisch en ongelooflijk inspirerend voor ons", zei Katz aan Vanity Fair in 2017, zo'n half jaar voor de ontelbare beschuldigingen van seksueel misbruik tegenover Weinstein naar boven kwamen.)
Net als Miramax weet A24 de kwaliteit van zijn films ook om te zetten in Oscar-goud. Vorig jaar werd A24 de allereerste studio die de zes belangrijkste Oscars (Beste Film, Regie, Acteur, Actrice, Acteur in een bijrol en Actrice in een bijrol) wist binnen te halen, dankzij Everything Everywhere All at Once. De totale teller staat inmiddels op zestien Oscars en meer dan vijftig nominaties (anno april 2024)
Samen met een goede opbrengst aan de bioscoopkassa leidde het ertoe dat de waarde van het bedrijf vorig jaar op 2,5 miljard dollar (zo'n 2,3 miljard euro) werd geschat: A24 kan inmiddels ruim 50 miljoen dollar (ruim 46 miljoen euro) spenderen aan Civil War. Ter vergelijking: het budget van Moonlight bedroeg nauwelijks 1,5 miljoen dollar (ongeveer 1,4 miljoen euro).
"Er bestaat een A24-publiek, en soms slaan films aan bij dat publiek. We strijken er zelfs de eer van op als we er niets mee te maken hebben. Zoals bij Get Out, of Baby Driver."
Tegelijk blijft A24 inzetten op kleinere producties, zoals Talk to Me (2023): een Australische horrorfilm die nauwelijks 4,5 miljoen dollar (zo'n 4,2 miljoen euro) kostte, maar wel 92 miljoen dollar (bijna 86 miljoen euro) opbracht.
Intelligente horrorfilms, die doorgaans weinig kosten maar een groot commercieel potentieel hebben, behoren tot de succesformule van de studio. Eggers' The VVitch (2015) werd door A24 aangekocht voor 1 miljoen dollar (ongeveer 0,9 miljoen euro), maar de bioscooprelease bracht zo'n 40 miljoen dollar (zo'n 37 miljoen euro) op. Asters Hereditary (2018), dat A24 mee produceerde, kostte 10 miljoen dollar (ongeveer 9 miljoen euro). Het resultaat aan de bioscoopkassa: 82 miljoen dollar (ruim 76 miljoen euro).
Dat zijn nog steeds geen kaskrakers van Marvel- of Barbie-proporties en niet elke A24-prent is een doorslaand succes: films als The Sea of Trees of C'mon C'mon presteerden onder de verwachtingen. Maar door risicospreiding - A24 brengt zo'n twintig films per jaar uit - blijft de impact van flops beperkt. De hits illustreren wel dat de studio een specifiek publiek weet aan te boren: dat breed genoeg is om commercieel succesvol te zijn en niet voldoende bediend wordt door de grote franchises.
"Ik denk dat ze begrepen hebben dat er een voldoende aantal mensen bestaat die uitdagender materiaal willen", legde Garland uit in GQ. "En daar mikken ze op." Katz verwoordde het zo: "Er bestaat een A24-publiek, en soms slaan films aan bij dat publiek. We strijken er zelfs de eer van op als we er niets mee te maken hebben. Zoals bij Get Out, of Baby Driver."
Voor weirdo's wereldwijd
Of, in de woorden van Paul Rogers, die de Oscar voor Beste Montage won voor Everything Everywhere All at Once, in The New York Times: "Ik ben gewoon zo blij dat ze bestaan, want niemand anders maakt de rare dingen die zij maken en die hebben we allemaal nodig. We moeten weten, alle weirdo's in de wereld, dat we niet alleen zijn. Zij helpen ons en de wereld beseffen dat het oké is om raar te zijn. Het is oké om anders te zijn. Het is oké om een ander soort verhalen vertellen over een ander soort mensen dan we gewoonlijk zien."
Zo is A24 in een dikke tien jaar uitgegroeid tot de vaandeldrager van gedurfde, eigenzinnige en vaak unieke cinema, die zich niet in een hoekje laat duwen, maar hardnekkig zijn plaats opeist naast de blockbusters en grote franchises waarmee de traditionele studio's uitpakken.
"They're definitely the place to be now", besloot Robert Pattinson, die schitterde in A24-films als The Rover (2014), Good Time (2017) en The Lighthouse, in 2017 al in GQ. "Ze begrijpen de tijdgeest heel goed. Als je een film met hen maakt, stelt die iets voor."
De acteur sprak nog meer lof uit over de filmstudio: "Enkele jaren geleden sprak iedereen over hoe cinema dood was. Maar zij overtuigen mensen weer om naar de bioscoop te gaan, in plaats van thuis te blijven. Men dacht dat dit deel van de industrie was uitgestorven. Maar de laatste jaren kun je zien dat dat écht niet het geval is. En ik denk dat we dat te danken hebben aan studio's als A24."
Bron: De Morgen, auteur: Ewoud Ceulemans, datum: 24 april 2024, URL: https://www.demorgen.be/tv-cultuur/het-succes-van-a24-ontrafeld-de-film…
A24-klassiekers in Cinema ZED
Het hele najaar nog kan je in ZED terecht voor een selectie steengoede moderne klassiekers uit de A24-stal. We trapten af met Spring Breakers - hun eerste grote succes - en gaan verder met:
Moonlight (Mét inleiding door Ewoud Ceulemans - auteur van dit artikel - op donderdag 6 november)